"Ujiyorisodachi" - Fokken is meer dan geboorte.


Fokken is meer dan even een leuke reu en teef bij elkaar zetten en ze "hun ding laten doen". Vooral bij een exotisch ras als de Japanse Akita Inu, welke onder andere een kleinere genetische pool heeft en soms problemen zoals SA en VKH kent. Dat is waarom er al snel een l-a-a-a-n-g verhaal volgt, wanneer gevraagd om onze visie op het fokken van de Akita Inu. Niet alleen is het complexe materie, het is ook waar details tellen.

Liefde, inzet, gezondheid en kennis.

Dat is wat we zouden vertellen, mocht je om een zwaar verkorte versie van onze visie vragen. Maar hoe zit het met de rest?

Het klinkt ongelofelijk zoetsappig, maar liefde is waar alles begint. Liefde voor het ras en natuurlijk liefde voor onze honden. We durven zelfs te zeggen dat we onze honden als "viervoeter-kids" zien. Voor sommige mensen lijkt dat overdreven, maar die flinke dosis aan liefde vormt tegelijkertijd de basis van onze manier van fokken. En aangezien we maar vier honden hebben—sommige fokkers hebben er vele meer—betekent dat allereerst dat onze visie intiem en betrokken is. Nu kunnen we niet beloven dat vier Akita Inu's er in de toekomst niet meer worden—je bent verliefd op een ras of niet—maar een ding is zeker: dit is en blijft iets persoonlijks. Onze honden verblijven dus niet de hele dag in kennels, maar leven echt bij en met ons. En wanneer het werk roept of we even weg moeten, dan verblijven ze meestal lekker in de tuin, een plek waar ze de ruimte hebben om te spelen en te relaxen op het gras, zonder dat we ons over regen of hete zon zorgen hoeven te maken—ze kunnen onder de veranda of in het atelier, waarvan de deur altijd open is. En is het echt hondenweer, dan zijn ze gewoon binnen. 

Wellicht dat je nu denkt "Hoe is het feit dat jullie je honden verwennen relevant voor onze toekomstige pup?", maar hopelijk vraag je je niet al te lang af waar bij ons de pups opgroeien. Zij genieten namelijk van dezelfde aandacht en alles wat daarbij hoort. Tijdens het nestje van Taikou & Chihiro sliepen we bijvoorbeeld de eerste vier weken beneden in de woonkamer. Vooral in het begin hebben pups zo om de twee uur melk nodig, ook 's nachts. Alleen had mama Chihiro tijdens dat nestje last van ontstoken melkklieren—waardoor melk geven voor haar niet al te prettig was—en in zo'n geval passen we ons graag aan. Wat moet dat moet en die extra aandacht maakt volgens ons ook zeker een verschil.

Socialisatie en "De Regel Van Zeven"

Nee, The Rule of Seven is geen geheime genootschap uit Game of Thrones. Wel is het een zienswijze die fokkers richting geeft over hoe hun pups op te voeden. Waar andere opvoedmethodes puppies nog wel eens verdrinken met ellenlange lijsten van nieuwe dingen die ze moeten meemaken, gaat The Rule of Seven vooral van balans uit. Door de puppies gedoseerd aan nieuwe situaties te laten wennen, krijgen ze vanzelf een bepaalde mindset. Wanneer ze die eenmaal verkregen hebben, is de kans groot dat ze in de toekomst met andere ervaringen ook op de juiste manier omgaan.

Volgens the Rule of Seven dient een pup voordat hij/zij zeven weken oud is minimaal:

  • Op 7 verschillende oppervlakken zijn geweest: vloerbedekking, een houten vloer, vinyl, beton, gras, aarde, grind en houtsnippers
  • Met 7 verschillende objecten hebben gespeeld: grote ballen, kleine ballen, zachte stoffen speeltjes, harige speeltjes, piepspeeltjes, papieren & kartonnen dozen, metalen objecten, stukken tuinslang 
  • Op 7 verschillende plekken zijn geweest: voortuin, achtertuin, kelder, keuken, auto, garage, badkamer, wasruimte
  • Met 7 nieuwe mensen hebben gespeeld: inclusief kinderen en bejaarden, iemand met een wandelstok, in een rolstoel of met een rollator 
  • Aan 7 uitdagingen zijn blootgesteld: op een doos klimmen, van een doos af klimmen, door een tunnel gaan, treden op gaan, treden afgaan, over obstakels klimmen, verstoppertje spelen, in en uit een gang gaan met een stapje op of af, rond een hek rennen
  • Van 7 objecten hebben gegeten: metaal, plastic, karton, papier, aardewerk, bakplaat, koekepan
  • Op 7 plekken hebben gegeten: bench, tuin, keuken, kelder, wasruimte, woonkamer, badkamer

Natuurlijk zijn regels er om gebroken te worden en hebben we the Rule of Seven bij KURENAI NO KAZE een tikje aangepast. Voor een Akita Inu pup vinden wij het ontmoeten van zeven nieuwe mensen namelijk onvoldoende en waarom we de pups met nog meer mensen laten kennismaken. Daarnaast gaan de pups niet alleen halfjes naar buiten—als in "even lekker de tuin in"—maar nemen we ze ook echt mee de straat op. Dit doen we zelfs voordat ze hun eerste vaccinatie hebben gehad, maar dan wel in onze hondenkar zodat ze alsnog beschermd zijn. En op die manier komen ze verder dan enkel huis & tuin—of de schuur van de broodfokker op Marktplaats—maar maken ze ook kennis met het lokale winkelcentrum, de bouwmarkt, het tuincentrum en het bos.

Let wel, ook al zorgt the Rule of Seven voor een goede en doordachte start, het is geen socialisatie op een gouden dienblad. Of je pup nu een natuurtalent blijkt te zijn die alles prima vindt of je een pup hebt die alles misschien net even wat spannender vindt, als toekomstige eigenaar zul je hoe dan ook behoorlijk druk met het socialiseren en opvoeden zijn. Onderschat dit niet!

Genetica en Japan

Een van de ultieme doelen voor een fokker is natuurlijk het fokken van gezonde pups. Op de pagina Advies vind je al enkele ideeën over hoe wij over gezondheid denken. In dat geval gaat het alleen specifiek over gezondheidstips voor eigenaren, voor fokkers is er veel meer om rekening mee te houden.

In een perfecte wereld zou het fokken van gezonde pups beginnen met gezonde ouders. Dat is alleen exact waar de uitdaging begint. Onder het genetisch oppervlak van alles dat leeft—dus ook bij honden—zijn vaak allerlei risico's verborgen. En omdat we die niet altijd kunnen zien, kan het gebeuren dat klinisch gezonde ouders uiteindelijk puppies met een gezondheidsprobleem op de wereld brengen. 

Om uit te leggen hoe dit komt, is het goed om stil te staan bij hoe Moeder Natuur haar genen uitdeelt. Dit gebeurt, zoals je wellicht van Biologie herinnert, in paren: de ene helft komt van de moeder en de andere helft komt van de vader. Als vervolgens een bepaald gezondheidsprobleem een dominant verervingspatroon heeft, is er slechts een specifiek gen nodig om zich te openbaren. Deze problemen zijn vrij gemakkelijk uit te sluiten en honden met een dergelijke aandoening dienen dan ook van de fok worden uitgesloten.

Het kan echter ook zijn dat een aandoening geen dominant maar een recessief verervingspatroon heeft. In zo'n geval is er niet een maar zijn er twee van dezelfde genen nodig om tot een probleem te leiden. Nogmaals, een van de vader en een van de moeder. Wanneer een hond slechts een van deze problematische genen van de ouders ontvangt, dan is er "niets" aan de hand. Dat laatste is ideaal voor de pup in kwestie—die zal de aandoening namelijk niet krijgen—maar wanneer deze als volwassen hond ook voor de fok wordt ingezet, dan zal hij/zij nog altijd drager zijn en dat ene probleemgen kunnen doorgeven. Heeft de andere ouder dit gen ook, dan kan dit vervolgens alsnog tot zieke pups leiden.

Bovenstaande voorbeelden zijn nog eenvoudig, maar er zijn ook aandoeningen die onder de "complex genetic disorders" vallen. In zo'n geval is er sprake van polygenetische vererving en zijn er meerdere genen in het spel. Zie het als een puzzel die uit meerdere stukjes bestaat. Als er vervolgens ook nog een externe trigger nodig is—zoals stress of slechte voeding—wordt het helemaal ingewikkeld om te bepalen of een hond risico op een bepaalde aandoening loopt. Vergelijk het met een sleutel die de deur van het slot afhaalt waarachter een aandoening verborgen zit. Terwijl bij sommige honden die deur gelukkig niet opengaat, gebeurt dat bij anderen wel. Echter, genetisch gezien vormen ze evenveel risico. Dit samen is dan ook de reden waarom bepaalde aandoeningen, die zich bijvoorbeeld vier generaties geleden aandeden, later toch weer terug komen. Ook al dacht de fokker alles op te lossen door tussentijds met "veilige" lijnen te outcrossen.

Inmiddels—mocht dit nog niet eerder het geval zijn—zul je begrijpen dat fokken meer is dan het samenbrengen van twee leuke hondjes en ze even hun ding laten doen. Kennis van bloedlijnen is hierbij erg belangrijk. Als je vervolgens bedenkt dat Japanse fokkers vaak geen of zeer gebrekkig Engels spreken en ze door hun gesloten cultuur liever geen kennis met vreemden delen, dan kun je je voorstellen dat dit soort informatie verre van voor het oprapen ligt. Dat is dan ook waarom wij ruimschoots tijd besteden aan het beheersen van de Japanse taal en regelmatig naar het land van herkomst afreizen. Het is—zonder hard op de borst te willen kloppen—wat ons van de meeste andere fokkers in Europa onderscheid.

Gezondheidsonderzoek en hondenshows

Los van het feit dat bovenstaande van een fokker om kennis van achterliggende bloedlijnen vraagt, vereist onze rasvereniging Nippon Inu dat alle “breeding stock” op voorhand gescreend wordt. En, in tegenstelling tot wat sommige mensen denken, dat is meer dan even met je hond naar de dierenarts om te vragen of die ergens problemen ziet. Het argument dat we bij mensen met een oepsnestje nog wel eens horen "We zijn pas nog bij de dierenarts geweest en die zei dat alles ok was" is zeker niet voldoende. In plaats daarvan gaat het om specialisten die o.a. onderzoeken op heupdisplasie, patella en oogziektes uitvoeren om concreet inzicht geven of een hond op die punten voor de fok geschikt is.

  VAN LINKS naar rechts: MEGAPOLIS STYLE GOUKAI, onze AIKO KENSHA NO HOTARU NO HIKARI GO en KOKURYUUMON GO MIYAGI KOZAKI KENSHA

VAN LINKS naar rechts: MEGAPOLIS STYLE GOUKAI, onze AIKO KENSHA NO HOTARU NO HIKARI GO en KOKURYUUMON GO MIYAGI KOZAKI KENSHA

Daarnaast dienen beide ouderhonden zich tijdens enkele hondenshows te bewijzen. Op het eerste gezicht zou men deze shows enkel als schoonheidswedstrijden kunnen zien, ware het niet dat men naar veel meer zaken kijkt. Denk aan beoordeling van karakter, lichaamsbouw en kwaliteit van beweging. Om een voorbeeld te geven, een hond met een slechte constructie zal zelden goed bewegen en een hond die niet goed beweegt zal op een vroegere leeftijd eerder problemen zoals artrose en vermoeidheid vertonen.

Een ander aspect dat niet over het hoofd moet worden gezien is dat deze shows ook liefhebbers bij elkaar brengt. Dit maakt het weer mogelijk om kennis te delen en toekomstige fokpartners te selecteren. Natuurlijk zijn er fokkers die dit enkel op basis van wat foto's op Facebook en een stamboom doen, maar onze mening is dat wanneer je als fokker je werk echt goed wilt doen je de reu in kwestie toch echt in levende lijve gezien moet hebben. En in dat geval zijn hondenshows reuze nuttig om meerdere potentiële dekreuen tegelijk te zien. Bovendien, ondanks dat hondenshows soms een beetje een aparte aangelegenheid zijn—niet iedereen wil vroeg opstaan om de hele dag in een expohal vol honden door te brengen om vervolgens slechts 10 minuten in de ring te staan—ze kunnen ook bijzonder leuk en gezellig zijn.